Stripkap

Een webarchief van stripjournalist Gert Meesters


Het verband tussen erotiek en geschiedenis



Heel af en toe vindt er nog eens iemand een nieuw stripgenre uit. Yann en Berthet hebben met Pin-Up zo'n eigen mix van bekende ingrediënten gemaakt. Een geheid sukses, al beseft vooral tekenaar Berthet dat nog niet goed.

Philippe Berthet (42) is een Brusselse stripauteur die jarenlang van de ene one-shot in de andere duikelde. Zijn albums De weg naar Selma en Halona waren relatieve successen. In 1994 greep hij senarist Yann bij het nekvel om samen met hem een reeks te maken. Dat werd Pin-Up, een intelligente kommersiële mix van erotiek en avontuur, soap opera, film- en stripgeschiedenis, met de Amerikaanse geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog en erna als nostalgische achtergrond. Album vijf verschijnt binnenkort. De reeks is een gegarandeerde verkoops-topper if I ever saw one . Maar Berthet houdt de boot af.

"Iedereen denkt dat Pin-Up een gigantisch sukses is. De reeks verkoopt goed, hoor. Maar nog niet astronomisch. Het is wel waar dat de uitgever veel potentieel ziet in onze reeks en dus veel reklame maakt voor ons. Ik heb in die vijftien jaar dat ik strips teken ook nog nooit personages gehad die zo veel merchandising losweken. Poppetjes, agenda's, je kunt het zo gek niet bedenken. Allerlei volk stapt naar mijn uitgever om een bepaald produkt te versieren met één van mijn pin-ups."

een pin-up van BerthetEr zijn mensen die beweren dat Pin-Up een gemakkelijke manier om te skoren is. Teken wat blote vrouwen, en je hebt sukses, is de redenering.

Natuurlijk gaat de reeks Pin-Up voor een deel over blote vrouwen. We hebben het over pin-ups en het fenomeen pin-up als geheel. We hebben het dus over de fantasieën van mannen, maar het is allemaal in zijn historische kontekst geplaatst. Ik stoor me niet aan dat soort opmerkingen, want Pin-up is veel komplexer dan dat. Als ik sukses wou door blote vrouwen te tekenen, dan zou ik veel magerdere vrouwen moeten afbeelden. De vrouwen die ik teken in Pin-Up zitten wat meer in het vlees door het historische of nostalgische uitgangspunt van de reeks. Ik teken het schoonheidsideaal van toen, niet van nu. Het is dus niet noodzakelijk zo dat ik hou van iets molligere vrouwen. (lacht) We hebben gewoon onze eigen personages gekreëerd die we laten figureren in een heel precieze historische achtergrond van de Verenigde Staten in de jaren veertig, vijftig en nu zestig. Mijn senarist, Yann, is een beetje een historicus. (lacht)

een potloodscène uit Pin-Up 5

De eerste trilogie van Pin-Up was een vrij emotioneel en misschien wat tragikomisch verhaal. De lopende trilogie is blijkbaar een spionageverhaal. Heeft het nog wel zin om een stripreeks te maken, als u het genre onderweg radikaal verandert?

Het is een ervaring voor ons. We hebben vooraf afgesproken dat we met deze reeks de wetten van een klassieke stripreeks in die zin zouden ondermijnen, dat we per trilogie van tema, atmosfeer of genre konden veranderen. De reeks is een paraplu voor heel verschillende verhalen. Alleen de personages blijven we gebruiken. We weten nu nog niet zeker of er een derde trilogie komt, maar als die er komt, wordt het hoogstwaarschijnlijk een detektiveverhaal. We maken het onszelf misschien wel wat moeilijker, maar het houdt zo'n reeks boeiend voor onszelf. We werken aan drie albums tegelijk en daarna kunnen we alles achter ons laten behalve de personages. Zo voorkomen we afstomping. Ik zou nooit aan een heel traditionele reeks kunnen werken, maar met het kader dat we hebben afgesproken, blijft Pin -Up me boeien. Na een hele reeks one-shots, is een reeks voor mij ook een creatieve uitdaging. Na vijf albums hebben we een rits personages gekreëerd die het publiek kent, en die we dus niet meer hoeven te introduceren. Dat geeft ons de gelegenheid om die personages uit te diepen, of om knipoogjes in te lassen naar vorige albums. Ik vind het ook fijn om te ontdekken dat je een bedachte wereld langer kunt laten meegaan dan één album. Vroeger kreëerde ik vaak een universum voor één verhaal, dat ik daarna niet meer kon gebruiken.

Wie de filmgeschiedenis een beetje kent, vindt in Pin-Up heel wat verwijzingen naar films. Meestal is dat leuk, als je de films kent, maar bent u niet bang dat liefhebbers de verwijzingen nogal gratuit vinden? In het vierde album zit bijvoorbeeld een minutieus nagebootste scène uit Hitchcock's Psycho.

Dat is altijd een risiko. De filmische verwijzingen zijn meestal Yann's ideeën, want hij weet veel meer van film dan ik. We stoppen die verwijzingen er vooral in voor ons eigen plezier. Af en toe laten we ons gaan. We willen er af en toe iets plezierigs instoppen. De grapjes van de stripreeks Poison Ivy, de strip in de strip, zijn bijzonder idioot, maar toch vinden we het leuk om op die manier te lachen met de propagandastrip. Het zou kunnen dat filmliefhebbers niet goed snappen wat een bepaalde sekwens in het verhaal komt doen. Maar meestal vinden ze het gewoon leuk om een bepaalde scène te herkennen. En het is niet zo dat je het verhaal niet kan volgen als je de referentie niet hebt gesnapt. Ik moet Yann af en toe intomen met zijn verwijzingen, maar op een gemengde basis van nieuwe fiktie en bekende geschiedenis is de hele serie gebouwd. En die mix lijkt goed te werken. Wie het verhaal van de echte Gary Powers kent, zal het leuk vinden om dat verhaal in onze huidige trilogie tegen te komen. De mensen vinden het leuk om iets te herkennen.

Jullie gebruiken ook elementen uit de stripgeschiedenis. Milton Caniff, de beroemde Amerikaanse stripauteur, speelt een niet erg sympathieke rol in de strip...

Yann en ik bewonderen het werk van Caniff erg. In onze reeks wilden we een stripauteur en we hebben dan maar een auteur genomen wiens werk we appreciëren. Het is waar dat hij een erg onsympathieke rol heeft, maar dat kwam nu eenmaal zo uit in het verhaal. Hij wordt trouwens nergens in het verhaal Caniff genoemd.

Maar de verwijzingen zijn heel duidelijk. Als de nazaten van Caniff de strip te zien krijgen, hebben jullie een proces aan jullie been.

Dat willen we natuurlijk niet. Ik heb Yann wel al verteld dat onze parodie op Steve Canyon, een strip van Caniff, een risiko inhield. Maar zo is Yann. Hij heeft een sarkastische kant, die ervoor zorgt dat hij niet altijd de gemakkelijkste weg kiest. We houden allebei erg van het werk van Caniff. Laat dat duidelijk zijn.

Gert Meesters

Dit interview verscheen ingekort in Teek 70 van maart 1999.
Deze tekst werd uitgeschreven in de spelling-Geerts.



Samenstelling: Gert Meesters / laatste update: 6-06-2006 .
Deze site ziet er het best uit op een Mac, zoals alles eigenlijk.
Het copyright op gebruikte afbeeldingen uit strips behoort toe aan de vermelde auteurs en uitgeverijen.