Stripkap

Een webarchief van stripjournalist Gert Meesters


Lian Ong, de vrouw die klaarspeelde wat mannen niet kunnen
"Ik associeerde strips met een saaie zondagmiddag"


Er wordt bijzonder veel gezeurd over een malaise in de stripwereld. Uitgeverijen nemen geen risiko's, auteurs moeten buigen of barsten, tenzij ze genoeg verkopen natuurlijk. Maar soms zijn er nog auteurs die de ballen hebben om eigenzinnig hun projekt af te maken en die het nog gepubliceerd krijgen ook. Lian Ong had die ballen. En zie, de eerste druk van haar album 'Horizon' is bijna uitverkocht.

'Horizon' heeft alles om een kommersiële uitgever huiverig te maken. Het is een verhaal zonder echt hoofdpersonage, over een hele Aziatische stam. Er gebeurt niet veel in, want het hele verhaal lang stapt het volk door een woestijn. Er zitten wat eksperimentele kantjes aan, vooral in de verteltrant en de inkleuring. Het aantal pagina's is bijzonder hoog, wat het album direkt ook een stuk duurder maakt. En toch heeft ze een uitgever gevonden voor haar verhaal. Griffioen Grafiek, een Nederlandse uitgever van vooral peperdure verzameledities, heeft een voorzichtige en dure druk van 900 eksemplaren op de markt gebracht. Vervolgens een onverwachte persbelangstelling in Nederland, waardoor de eerste druk ongeveer de deur uit is, en een goedkope editie overwogen wordt.

In België is er nog niet zo veel publiciteit gemaakt over Horizon?

Nee. In De Morgen moet wel nog een stuk komen.

En in Nederland veel meer?

Ik heb een pagina gehad in Het Parool, en ook regionale kranten hebben erover geschreven. Maar dat zijn wel regionale kranten die in het hele land verschijnen. En op radio en tv.

Tv dat wist ik.

Dat was maar heel kort hoor. Ik doe nu geen tv meer. De afspraak was dat ze me niet in beeld zouden brengen. De prenten zouden op tv komen, en mijn stem op de achtergrond, maar ze hebben mij toch gefilmd en op tv getoond. Tv doet wel veel voor de verkoop.

Dat geloof ik wel.

Dat ging heel snel. De dag na de uitzending ging ik signeren in een winkel in Groningen. Die ochtend hadden ze al een tiental boeken verkocht. Dat was heel raar. Vooral mensen die anders nooit in een stripwinkel komen, gaan opeens speciaal voor dat boek een stripwinkel binnen. Ik was stomverbaasd. Ik had wel gedacht dat het iets zou helpen, maar zo...

Jouw publiek is ook niet het meest tipische strippubliek.

Nee.

Hoe ben je eigenlijk bij Griffioen terechtgekomen? Griffioen is vooral bekend als een uitgever van luxe-uitgaven en zeefdrukken.

Ik had zeefdrukken gemaakt voor die uitgever. Daar kende ik hem van. En Casterman had me er net uitgegooid. Ik was daarover aan het vertellen aan Griffioen. Zonder het boek waar ik aan werkte gezien te hebben deed hij toch gelijk een bod: '10000 gulden en dan maak je het af'. Ik zag dat niet direkt zitten omdat ik er nog verschillende jaren werk aan zou hebben. Maar na wat nadenken heb ik het toch maar gedaan.

Waarom heeft Casterman dit boek niet gepubliceerd? Het is toch een tipische Casterman-strip.

Jaja. Dat zei Hans van den Boom ook, van Arboris. Nou ja, het was vooral Marc Jongbloet, die me daar pushte en die man is ontslagen. De Parijse baas zag me niet zo zitten, maar Jongbloet kon hem wat tegenhouden. Maar later als gevolg van de machtsverschuiving waardoor Jongbloet is ontslagen, kreeg die Parijse baas weer alles voor het zeggen. En ik had nog geen kontrakt... Ik had wel al een half jaar aan Horizon gewerkt. Ik zag de bui wel al hangen, hoor. De kontakten werden steeds vager en omslachtiger, maar ik moest toch doorwerken...

Goed dat Griffioen je boek dan alsnog gepubliceerd heeft. Weinig uitgevers zouden de investering van een kleurenstrip aandurven.

Ja, hij steekt echt zijn nek uit. Dus ik ben wel blij dat de strip goed verkoopt. Maar hij is nog lang niet uit de onkosten wat dat betreft. Het boek is zo duur geworden in produktie dat hij dat niet kon rekupereren door de verkoopprijs hoger te maken, zoals hij wel gedaan heeft.

Daarom zijn er toch ook vertalingen gepland?

Die zijn er al. Arboris heeft die uitgebracht. In Frankrijk, Duitsland en Denemarken.

Komt er ook een softcover in het Nederlands?

Dat weet ik niet. Het gaat nu wel heel snel met de verkoop, maar het zou natuurlijk ook kunnen dat dat de hele markt is.

Anderzijds blijft het nu wel een prijzig boek.

Daarom is het nu juist zo verbazingwekkend dat het goed loopt. Binnen een maand waren er 700 verkocht. Er kwamen ook snel bijbestellingen.

Hoe lang heb je er eigenlijk aan gewerkt?

Ik ben er zeven jaar geleden mee begonnen. Enkele pagina's. Maar toen dacht ik: 'Wat ben je nu weer bezig? Hard werken en niks verdienen.' Toen heeft het stilgelegen tot ik Baudoin tegenkwam. Hij vond het goed en heeft het aan zijn uitgever voorgesteld, maar die is toen failliet gegaan. Dan was Casterman geïnteresseerd, vijf jaar geleden en toen heb ik er weer aan gewerkt. Daarna heeft het een half jaar stilgelegen. Daarna heb ik enkele jaren Horizon gecombineerd met illustratie-opdrachten, maar ik vond dat dat niet genoeg opschoot, dus heb ik het laatste jaar alle illustratie-opdrachten afgezegd en me volledig op Horizon gekoncentreerd. Van die opdrachten moet ik bestaan. Arthur heeft me royaal betaald, maar omdat ik zo'n trage tekenaar ben, kan ik daar niet van leven.

Je moet al een grote oplage hebben voordat je van dit soort strips kunt leven.

Hoedanook, ik ben blij dat het zo mooi is uitgegeven en dat het kàn. Ik heb mijn ei kunnen leggen.

Zijn de kleuren wel goed weergegeven in het boek?

De tweede helft is minder goed geslaagd dan de eerste. Een beetje te zwaar en zompig. Maar omdat dat zo'n duur proces is, ga je dat niet zomaar overdoen. Van oorsprong waren de kleuren helderder. Het is wel jammer, want het is toch al niet zo'n vrolijk einde. Ik wou het niet zo laten aflopen, maar ja. Iedereen zegt dat het mooi is. Je bent de eerste die vraagt of die kleuren wel kloppen.

Het is je eerste kleurenstrip.

Ja. Ik had Bijslapen, de zeefdrukserie, in kleur gemaakt. Maar dat is ongeveer alles. Ook mijn illustraties zijn meestal in zwart-wit. Casterman had gezegd dat ze het wel in kleur wilden doen. Ik heb dan wat proefpagina's gemaakt. Dat ging heel gemakkelijk. Maar toen ik het eerste stuk af had, merkte ik pas hoe moeilijk het was om een bepaalde kleurenstijl vol te houden. In het begin klieder je er maar wat op los. Toen ik ermee bezig was, was ik er ook vaak ontevreden over. Ik vond dat je wel kon zien dat het mijn eerste kleurenstrip was. Maar achteraf ben ik er toch heel tevreden over.

Je kleurt ook niet gewoon met kleurvlakken binnen de lijntjes.

In andere strips heeft één personage een rood bloesje aan en een ander een rood rokje. Dat heb ik dus niet. Het verhaal wordt er niet bepaald helderder van. Maar je kunt wel sfeerverschillen aangeven.

Maar jij hebt het publiek van mensen die alleen helder ingekleurde strips lezen toch niet nodig?

Ik zou het ook niet kunnen hoor. Dat is een gebrek waar je je voordeel uit moet halen. Ik heb een vriendin die ook tekent. Ze doet heel gekke dingen. Olieverf en balpen bijvoorbeeld. Als ik vraag hoe ze daarbij komt zegt ze 'per ongeluk. Je moet fouten maken, maar dat moet je met overtuiging doen'. Dat vond ik altijd een heel goeie instelling.

Hoe ben je erbij gekomen om een verhaal te vertellen over een hele volksstam tegelijk?

Ik was een reeks kortverhalen aan het maken, die als centraal gegeven een lange weg hadden. Dit was het verhaal van een volksstam die door de woestenij trekt en door een ziekte op stenen gaat lopen. ze komen bij een stenen weg en blijven die volgen. Ze zetten er 's nachts hun tent op en gaan slapen. Dan komt er een truck over die weg, en daar eindigt het verhaal. Ik dacht dat dat een verhaaltje van acht pagina's zou worden. Maar na vier pagina's, met de nodige slowmotions (nog een groepje mensen, nog een groepje mensen) begon ik me te realiseren dat dit onmogelijk een verhaal van acht pagina's kon worden. Toen ik er later opnieuw aan begon, gingen de figuren een eigen leven leiden. Ze liepen met samengeknepen oogjes tegen de wind, dus het werd een Mongools volk, wat ook wel leuk was voor de variatie. Het verhaal werd ook altijd maar langer. Ik kon gewoon niet meer ophouden.

Dat gebeurt wel eens meer bij tekenaars, dat de figuren beginnen te bepalen waar het verhaal naartoe gaat.

Hoe meer je ze tekent, hoe meer ze body beginnen te krijgen. Ze worden onafhankelijk.

Je moet daarmee opletten. Er zijn auteurs die hun personages niet meer kwijtgeraken.

Daar heb ik geen last van (lacht). Met dat open einde heb ik ze laten gaan.

De gebroeders Hernandez van Love and Rockets hebben daar last van. Ze zijn met Love and Rockets gestopt, maar ze blijven hun oude personages gebruiken.

En dat is niet zo'n gering gezelschap dat ze hebben gekreëerd. Dan word je bijna schizofreen. Het is wel zo dat alle personages stukken van mezelf zijn.

Maar dat kan ook moeilijk anders. Je kunt nog zo je best doen om over iemand anders te vertellen.

Dat kan eigenlijk niet hè. Ik denk af en toe nog wel eens aan de personages of ik vergelijk iemand met zo'n personage. Maar er komt niet nog een strip met dezelfde personages. Dat klopt niet met mijn gevoel. Ze zijn over de Horizon verdwenen. (lacht)

Je had ook helemaal geen stripkultuur toen je zelf strips begon te maken.

Nee, helemaal niet. We zaten gisteren met het hele klubje van Het Besloten Land te eten. Ik heb nog nooit zo lang achter elkaar over strips gepraat. Ik moest de hele tijd zeggen dat ik het niet wist. Mijn vriend is wel een fanatieke striplezer, dus van hem hoor ik wel eens wat namen, maar ik heb heel weinig gelezen.

Is het niet veel gemakkelijker om wat strips te lezen om oplossingen voor striptechnische problemen te vinden, dan om het allemaal zelf uit te zoeken?

Ik zou het moeilijker vinden om dingen uit andere strips over te nemen. Je kunt natuurlijk helemaal een andere strip overnemen, maar zo met stukjes? Ik zou heel erg in de war geraken. Ik heb geen macht over verhalen maken. Tekenen al helemaal niet. Ik klungel maar aan, en laat het maar gebeuren. Ik moet ook zeggen dat dat me op de been houdt, dat het elke keer weer een verrassing is. Anders zou ik al lang iets anders doen. Ik ben daar echt ziekelijk in. Op de akademie moest je decors maken en daarvoor moet je dokumentatie verzamelen. Maar dat doe ik niet graag, want dan kan ik echt niks meer bedenken. Dat zit me echt in de weg.

Die eigen oplossingen onderscheiden je strips ook van andere strips natuurlijk. De ballonnen met de pijl naar binnen vond ik heel revolutionair toen ik Stuifmeel las.

Ja, dat hebben wel meer mensen gezegd: die bestaan helemaal niet. Andersom heb ik bij veel oplossingen het gevoel dat mijn oplossing de algemene oplossing is. Ik bedenk maar wat.

Vroeger maakte je eerst alle tekeningen apart, voordat je ze schikte op een strippagina. Doe je dat nog?

In het begin van Horizon nog wel. Gaandeweg ben ik eindelijk een beetje echte striptekenaar geworden. Dan ontwierp ik direkt een hele pagina. De tweede helft van het boek ging daardoor veel sneller. Dat ging veel prettiger. Maar daarvoor had ik die vaardigheid gewoon niet. Dat vind ik een van de belangrijkste dingen: de indeling van een pagina. Als die niet goed zit, kan ik me er dood aan ergeren. Een neus scheef, of een anatomische fout, dat vind ik niet erg. Die indeling van de pagina is zo belangrijk om het verhaal ingezogen te worden.

Het is een van de krachtigste wapens die een tekenaar heeft. De Franse stripmarkt is daar wel wat bang voor. Marvano, van Dallas Barr, mocht die reeks enkel maar beginnen van Dupuis als hij zijn pagina-indelingen eenvoudig zou houden.

Als die indelingen te opvallend worden, werkt het weer averechts. Nu, ik heb het in Horizon nog eenvoudig gehouden, met al die horizontale vakjes. Misschien maak ik mijn volgende verhaal wel met allemaal vertikale vakjes (lacht). Dan kan ik daarna kombineren en eindelijk eens een gewoon verhaal maken.

Hoe komt het dat je vroeger nooit strips hebt gelezen?

Ik heb als kind wel Suske en Wiske gelezen, maar ik heb daar zo'n gevoel van een saaie zondagmiddag mee geassocieerd. Dan las je veel te veel strips en dan had je op het einde van de dag zo'n gaar gevoel. Door die associatie ben ik gewoon opgehouden ze te lezen. Ik ben dan overgeschakeld naar gewone boeken.

Het is dus niet zo dat de onderwerpen je opeens niet meer aanspraken?

Misschien had dat er ook wel wat mee te maken. Maar het is geen bewuste keuze geweest, hoor. Ik had ook nooit zakgeld, dus de strips die ik las, kwamen van een buurmeisje of een neefje. Ik had één stripboek, van Bollie en Billie (lacht). Ik had dus heel weinig toegang tot strips. In de biblioteek had je toen nog geen strips.

Je hebt iets gemaakt voor de verzamelbundel Old Cake Comix, waarin vrouwelijke striptekenaars van Nederland en omstreken verzameld zijn. Vond je dat een leuk projekt?

Ik zou zelf nooit op dat idee gekomen zijn. Ik wist niet eens dat er zo veel vrouwelijke tekenaars waren. Ik kende alleen Erika Raven en mezelf, en daar stopte het. Dus ik vond het wel leuk om te ontdekken dat er zo veel vrouwen strips maken. Maar ik heb er niet zo'n behoefte aan om me als vrouw te profileren. Of je mijn vrouw-zijn aan mijn verhalen kunt zien, weet ik niet. Ik zit altijd te veel in mijn verhaal om er afstand van te kunnen nemen. De andere tekenaars in Old Cake zijn veel jonger dan ik, dus daar kan ik een deel van de afwijkende tema's aan wijten. De autobiografische strips die nu worden gemaakt, vind ik heel leuk, al kan ik me voorstellen dat je ook die weer moe wordt. Je moet natuurlijk een beetje een freak of een zielenpoot zijn. Daarom vind ik Barbara Stok zo leuk: dat is een meisje met een heel gewoon gelukkig leven en dat levert ook leuke strips op.

Gert Meesters

Dit interview verscheen in januari 1998 ingekort in Veto. Het werd geschreven in de spelling-Geerts.


thuis<>interviews<>reportages<>over deze site<>contact

Samenstelling: Gert Meesters / laatste update: 13-06-2006 .
Deze site ziet er het best uit op een Mac, zoals alles eigenlijk.
Het copyright op gebruikte afbeeldingen uit strips behoort toe aan de vermelde auteurs en uitgeverijen.